Op 19 januari 2026 heeft het kabinet een aangepast wetsvoorstel implementatie Richtlijn loontransparantie mannen en vrouwen ter advisering voorgelegd aan de Raad van State. Het wetsvoorstel beoogt de implementatie van Richtlijn (EU) 2023/970 (hierna: ‘de Richtlijn’). Het wetsvoorstel bevat maatregelen gericht op de versterking van de toepassing van het beginsel van gelijke beloning van mannen en vrouwen. Vandaag is het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State gepubliceerd. De Raad van State acht aanpassing van het wetsvoorstel en de toelichting wenselijk.
Historie loontransparantie
Sinds 1957 bestaat al een EEG-Verdrag met de verplichting tot gelijke beloning van mannen en vrouwen. In 2020 bedroeg de gemiddelde genderloonkloof in de EU desondanks 13%. De Richtlijn uit 2023 beoogt deze genderloonkloof – het negatieve verschil tussen de beloning van mannen en vrouwen – te verkleinen.
Nederland dient de wet uiterlijk op 7 juni 2026 in lijn te hebben gebracht met de Richtlijn. Tot 7 mei 2025 lag het wetsvoorstel ter internetconsultatie voor. Naar aanleiding van deze consultatiereacties heeft het kabinet het wetsvoorstel op een aantal punten aangepast.
Op 19 januari 2026 heeft het demissionaire kabinet een aangepast wetsvoorstel ter advisering voorgelegd aan de Raad van State. De nieuwe streefdatum voor de inwerkingtreding is 1 januari 2027.
Belangrijkste punten van het wetsvoorstel loontransparantie
Op basis van het wetsvoorstel worden werkgevers verplicht:
– een functiewaardering- en indelingssysteem te hebben o.b.v. objectieve en genderneutrale criteria;
– sollicitanten vooraf informatie te verstrekken over het loon of de bandbreedte daarvan;
– openheid te geven over het beleid voor loonvorming en loonontwikkeling;
– informatie te verstrekken over loonniveaus;
– te rapporten over loonverschillen indien zij meer dan 100 werknemers hebben;
– maatregelen te nemen indien loonverschillen niet zijn gerechtvaardigd.
De verwachting is dat meer transparantie het voeren van een gesprek over loonverschillen eenvoudiger maakt. Dit draagt bij aan het beperken van loonverschillen.
Tot slot zal het werkgevers verboden zijn om sollicitanten te vragen naar hun salarisgeschiedenis.
Advies van de Raad van State Wetsvoorstel loontransparantie
In het advies maakt de Afdeling advisering van de Raad van State (samenvattend) de volgende opmerkingen bij het wetsvoorstel:
Evaluatie: In het wetsvoorstel is niet duidelijk hoe geëvalueerd zal worden of de beoogde loontransparantie wordt bereikt.
Doeltreffendheid en doelmatigheid: Een realistische uiteenzetting van de doeltreffendheid en doelmatigheid van de maatregelen is wenselijk.
Afzien van lidstaatoptie: De Richtlijn biedt de mogelijkheid om loonrapportages van werkgevers grotendeels door een nationale overheidsdienst te laten opstellen. Hiermee kunnen de lasten voor werkgevers verminderen. Van deze optie is geen gebruik gemaakt in het wetsvoorstel. De Afdeling adviseert deze afweging beter te motiveren.
Overschrijding implementatietermijn: De Richtlijn Loontransparantie dient uiterlijk op 7 juni 2026 te zijn omgezet in nationaal recht, maar dat is niet haalbaar gebleken. De Afdeling adviseert aandacht te besteden aan de gevolgen van deze overschrijding voor de Staat en betrokken partijen.
Afwijkende rapportagetermijn: Werkgevers met 150 werknemers of meer dienen voor het eerst op 7 juni 2028 te rapporteren, terwijl in de Richtlijn 7 juni 2027 wordt genoemd. De Afdeling adviseert om de data in overeenstemming te brengen met de Richtlijn en de gevolgen van deze afwijking toe te lichten.
Monitoring: De Afdeling adviseert deze taken in het wetsvoorstel te beleggen bij de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) als een dienstonderdeel van het Ministerie van SZW die taken gaat uitvoeren.
Registratie: De Afdeling adviseert te verduidelijken of, en zo ja, hoe werkgevers de beloningen van non-binaire personen moeten meenemen bij de informatie- en rapportageverplichtingen.
AVG: De regering stelt dat het recht op gelijke beloning zwaarder weegt dan gegevensbescherming, maar (i) een specifieke bepaling over de verhouding tussen werkgever en werknemer bij het gebruik van deze gegevens ontbreekt, (ii) onduidelijk is hoe wordt gewaarborgd dat werknemers deze informatie alleen voor het beoogde doel gebruiken en (iii) niet duidelijk is welke grondslag uit de AVG van toepassing is.
De Raad van State adviseert rekening te houden met het voorgaande alvorens het voorstel bij de Tweede Kamer in te dienen.
Contact advocaat arbeidsrecht en arbeidsmigratierecht
Voor vragen over de Richtlijn, het wetsvoorstel en/of beloningsystemen kun je contact met mij opnemen via boystenden@lawandpepper.com of 06-27177989, of een afspraak inplannen bij ons kantoor in Eindhoven. Wil je op de hoogte blijven van mijn blogs over arbeids- en arbeidsmigratierecht? Volg dan de LinkedIn-pagina van Law&Pepper Advocaten.
